Val

Poëzievideo / 10.03.26

Drie gedichten

Stefanie Parisius-Sewotaroeno





getijdenkalender

waar je niet allemaal aan kan denken
tijdens je laatste momenten, of wat je dacht dat
de laatste momenten zouden zijn

de tijd heeft hier zijn tijd genomen
op de bodem, onder de trage druk van alle massa
zacht, donkergrijs, geconcentreerd
niet ergens waarin je zou willen vastzitten
wel om ergens anders over je hele lichaam te wrijven
om te groeien

soms is de drang om naar lucht te happen
niet genoeg om te overleven
je kan schoppen, klauwen, de rivier bevechten
toch komt dat moment om te smeken
dat moment om naar een hand te vragen
soms zegt het geluk ja

wanneer de diepte jou teruggeeft
laat je door de stroming meenemen
verder van dit of dichterbij dat, amor fati

veradem met een twaalfuurse teug
het lot, en verbrand de getijdenkalender.






paronomaans leven

val en faal
val, maar val niet in een val
die zegt dat je faalt als je valt
ontdek dat als je valt
vallen iets leert, als je faalt
falen iets leert, en dat vallen
pas falen is als de zin stopt
dat falen pas echt vallen is
als het doek dropt

in het ritme van vals gestemde dagen
in de armen van de liefde die je niet wil, maar moet loslaten
in slow motion, zodanig dat je de regendruppels om je heen kan tellen
als een time-lapse, om aan de snelheid te wennen

aan de andere kust, op het koude strand
faal je in woorden en val je in klanken
vallen ritme, kleur en warmte
waar de moedertaal je laat dwalen
en wat een moeder…
waar je in hetzelfde huis moet vertalen.






niet voor de gevoelige huid

ik probeer je woorden weg te wassen
pel alle huid van mijn lijf
steek het in de wasmachine
draai cyclus na cyclus
tot de motor het begeeft

ik probeer je stem te onthoren
met afgesneden oren mis ik mijn naam
in de wachtkamer, laat op de dag
neemt een gekreukelde witte jas ze uit mijn handen
zegt me dat het niet daar gilt, maar ertussen

gal op tong ga ik verder

als ik je goede tijden niet had gekend
was het nu niet zo mistig voor de ogen
als ik je slechte tijden niet had gekend
had ik nooit geweten over mijn plaats in de wereld

tussen stemmen die kraken als roestig ijzer
ruiken naar het vergeten water in een verstopte vaatwas
waar ik liever niet wil wonen, maar toch moet blijven
met die gevoelige huid.

Stefanie Parisius-Sewotaroeno (1993) is een Surinaamse literaire maker van Javaanse afkomst die voornamelijk doet aan dichtkunst. Zij groeide op in De Hulp, Commewijne en laat zich inspireren door cultuur, natuur en maatschappelijke kwesties. Sinds 2013 is Stefanie actief in de Nederlandstalige literaire wereld en nam zij deel aan schrijfwedstrijden, literaire festivals en uitwisselingsprogramma’s, waaronder het Vrystaat Kunstefees in Zuid-Afrika (2022) en het Writers Unlimited Festival in Den Haag (2025). Een van haar gedichten maakte deel uit van de haltentoonstelling Famiri Familie van het Stadsarchief Amsterdam en het Nationaal Archief Suriname (2023-2024). In 2024 nam zij deel aan de Parijsresidentie van deBuren.

Meer van deze auteur